Verder naar inhoud

Venster 17 van de Osse Canon

Voorname Verblijven

(Circa 1600 tot 1800)

In de zeventiende eeuw is het mode dat de nieuwe vermogende burgers buitenhuizen opkopen. Vaak worden oude adellijke landgoederen en middeleeuwse kastelen gekocht. Dat geeft status. Als deze niet voorhanden zijn, worden nieuwe buitenhuizen gebouwd zoals Huize Munster (1682) en Huize Arendsvlucht (1687) in Oss.

In de zeventiende eeuw was het ‘mode’ dat de nieuw opkomende vermogende burgers buitenhuizen opkochten en onderhielden. Vaak werden oude adellijke landgoederen en in het bijzonder middeleeuwse kastelen opgekocht. Vanwege de daaraan ontleende status meenden ‘de nieuwe rijken’ zich dan ook te kunnen meten aan de adellijke families. Als een bestaand landgoed niet voor handen was, werden nieuwe buitenhuizen opgetrokken zoals in Oss Huize Munster (1682) en Huize Arendsvlucht (1687) en Ringelenburg in Huisseling.

De kastelen en oude adellijke goederen werden in de zeventiende en achttiende eeuw vaak door de nieuwe eigenaren of door de adel grondig verbouwd of vernieuwd vanwege het verhoogde wooncomfort of modestijlen zoals de barok of rococo. Torens en kantelen, die verwijzen naar de verdedigbaarheid van kastelen, bleven vaak bewust behouden als statussymbolen.

De kastelen en buitenplaatsen werden tijdens de zomerperiode bewoond, zo kon men de hitte en drukte van de stad ontvluchten. In de koude winterperiode werd de voorkeur gegeven aan de comfortabele stadswoning en verbleef op de buitenplaatsen vaak alleen een beheerder. Deze perioden van leegstand hadden een negatief effect op de onderhoudsstaat van de kastelen en buitenhuizen. In het bijzonder in de achttiende eeuw, met de teruggang van de economie, werden deze buitens vaak een zware financiële belasting. Dat leidde vaak tot achterstallig onderhoud en verval. Dit heeft er aan bijgedragen dat in deze periode menig buitenhuis aan de sloophamers ten prooi is gevallen vanwege de ‘opbrengst’ van de verkoop van het sloopmateriaal. De eerder genoemde huizen Munster, Arendsvlucht en Ringelenburg bestaan dan ook nog alleen in de herinnering.

Bijdrage: Hein Hundertmark